|
De meeste radicale stap op het pad van vernieuwing zette BMW
enkele jaren geleden met de vormgeving van de Z4 Roadster. BMW koos
voor afwisselend holle en bolle vlakken, gescheiden door scherpe
vouwen. Jaren later kan menigeen nog steeds niet wennen aan deze
huisstijl. Voor een massaproduct als de 3-Serie is daarom voor een
ingetogen toepassing van het thema gekozen. Ook het grote publiek
voelt zich daarom meteen aangetrokken tot de nieuwe 3-Serie.
Groter
In omvang (en prijs) is de auto flink gegroeid ten opzichte van
de voorganger. Dat is binnenin direct merkbaar. Ook lange
bestuurders hebben meer dan genoeg ruimte voorin. In vergelijking
met andere stationcars is de zit in de BMW laag en dat bevestigt
meteen de sportieve inborst. Gewicht moet laag in de auto liggen
voor een optimale wegligging en de bestuurder moet laag zitten voor
optimale communicatie met de auto. Mede dankzij de vele
verstelmogelijkheden, zelfs de lengte van het zitvlak is te
wijzigen, zitten de stoelen bovendien uitmuntend.
Wie achterin wil zitten, zit vooral opgevouwen. Met de
voorstoelen in een normale stand, is de beenruimte op de achterbank
zeer beperkt. De hoofdruimte wordt beïnvloed door het
gigantische glazen panoramadak van de testauto, maar dit is niet standaard.
Bagageruimte
Wel standaard is een forse bagageruimte. Deze is gemakkelijk
toegankelijk dankzij een achterklep in twee delen. Voor kleine
stukken volstaat het alleen de achterruit te openen. De afdekhoes
van de bagageruimte rolt dan vanzelf naar boven om ruimte te maken.
Dat lijkt handig maar is het niet. De gebruiker moet de afdekhoes
namelijk zelf terugrollen, wie dat vergeet heeft geen zicht meer in
de binnenspiegel.
De achterbank is in twee ongelijke delen neer te klappen waarbij
de hoofdsteunen op de plaats kunnen blijven. De gemiddeld grote
bagagevloer is nagenoeg vlak en is rijkelijk voorzien van oogjes,
spanbanden en andere hulpstukken. Heel praktisch is dat de netten
aan de zijkant kunnen worden weggeschoven om het uiterste uit de
laadruimte te kunnen halen. Daarbij kent de Touring een dubbele
bodem waaruit, heel slim, een stevige opvouwbare tas tevoorschijn
komt. De extra laadvloer is verdeeld in vakken die diep genoeg zijn
om daadwerkelijk praktisch te gebruiken.
iDrive
Rijden met de 3-Serie Touring is rijden met techniek op wielen.
Dat begint met een startknop in plaats van een startsleutel. Veel
interessanter is echter "iDrive". Dit systeem combineert telefonie,
navigatie, klimaatregeling en entertainment in een beeldscherm met
één druk/draaiknop.
iDrive gaat inmiddels enkele jaren mee, maar wordt continue
up-to-date gehouden. Deze laatste versie bedient zich van
BlueTooth-telefoonkoppeling (correcte werking alleen gegarandeerd
met door BMW goedgekeurde telefoons), een ingang voor een
mp3-speler en driedimensionaal getoonde kaarten voor het
navigatiesysteem. Bovendien heeft het systeem er een knop bij
gekregen: spraakbesturing. Het systeem spreekt Nederlands en
verstaat de meeste commando's van uiteenlopende stemmen heel
redelijk. Kreeg iDrive al een 10, dan verdient het met de laatste
toevoegingen inmiddels een 11.
|
Zes in lijn
Al die techniek brengt flink wat gewicht in de schaal. De
testauto is voorzien van een 2.5 liter zescilinder die goed is voor
een dikke 200 pk. Terwijl dit bij andere merken het topmodel is, is
dit voor BMW de één na lichtste benzinemotor. Na een
koude start loopt de motor wat onrustig en kan uitparkeren wat
heviger gaan dan verwacht.
Daarna voelt de "325" (3-serie 2,5 liter) in vergelijking met
andere forse stationcars uiterst stabiel en reageert de motor met
een zekere rust. Dat kan op twee manieren worden uitgelegd: voor de
ene bestuurder is de nieuwe "3" comfortabel en volwassen geworden,
een ander zal de auto beoordelen als zwaarlijvig en levenloos.
Speciaal voor deze laatste groep is de BMW 1-Serie in het leven
geroepen, die alle dynamiek biedt die de nieuwe 3-Serie heeft
ingeruild voor comfort.
Alhoewel de 325 met een zekere terughoudendheid en waardigheid
presteert, zijn de prestaties prima. Tussen vol gas en vol
accelereren zit enige bedenktijd, maar daarna worden de inzittenden
fijntjes in de stoelen gedrukt. Daarbij klinkt een machtig geluid
uit het vooronder dat pas bij 7.000 toeren per minuut ophoudt. BMW
voorziet in 6 versnellingen om 6 keer van deze sensatie te kunnen
genieten, waarvoor dank.
Ondanks het forse gewicht van de auto is de wegligging
uitmuntend. Andere zware auto's glijden in grensgevallen weg over
de voorwielen (onderstuur), maar de 3-Serie blijft tot bizarre
snelheden de ingezette koers volgen. Dat is niet alleen te danken
aan de achterwielaandrijving en het (optionele) revolutionaire
"active front steering", maar vooral aan de ideale
gewichtsverdeling (kan worden beïnvloed door zware lading).
Bovendien bedient BMW zich van een bijzonder geavanceerd
stabiliteitssysteem dat de bestuurder alle vrijheid geeft de
grenzen op te zoeken, maar tegelijkertijd als de beste over de
veiligheid waakt. Van uitrusting tot rijeigenschappen: de nieuwe
3-Serie is een echte technocraat geworden.
Conclusie
Zoals bij vrijwel iedere nieuwe auto is het nieuwe model groter
en luxueuzer dan de voorganger. De nieuwe 3-Serie is het levendige
en uitdagende karakter van de vorige generatie kwijt. De taak van
verslavende rijmachine is overgenomen door de BMW 1-Serie. De
3-Serie blijft dynamisch, maar is groter, volwassener en vooral
comfortabeler geworden. De 3-Serie Touring is een doordachte ruime
stationcar, maar is daarmee niet praktischer of slimmer dan de
concurrentie. De echte kracht komt van de vooruitstrevende techniek
die zorgt voor heel veel veiligheid en gemak.
|