29 augustus 2001
 

Fabrieksradio's vergeleken

Muziekfabriek

Caraudio, alarm en navigatie | Een echte autofreak raakt in vervoering bij het horen van de klank van een dikke V12 of een snerpende VTEC. Maar bij de meeste automobilisten geniet het geluid van de autoradio toch wel de voorkeur. Er zijn dan twee mogelijkheden: een fabrieksradio of later een radio naar keuze laten inbouwen door een specialist. Autozine beoordeelt een aantal fabrieksradio's en bepaalt wat beter is: de keuze van de fabriek of de vrijheid van een eigen inbouw.
 

De grote toename in het aanbod van fabrieksradio's is ontstaan door de steeds maar toenemende criminaliteit. De eerste fabrieksradio's hadden een unieke vorm. Daardoor paste de radio maar in één type auto en was stelen zinloos. Nog steeds bestaat geen beter middel tegen autoinbraak dan een radio die slechts bij één auto past. Later zagen de fabrikanten meer mogelijkheden. Omdat een universele pasvorm niet meer van belang was, kon de radio mooier in het dashboard worden geïntegreerd.

Dat bracht weer als voordeel dat ook de ergonomie met grote stappen vooruit ging. Denk hierbij aan zaken als bediening via knoppen op het stuurwiel of een volume dat zich aanpast aan de snelheid van de auto. Nadelen van de fabrieksradio zijn de bijtelling in het BPM bedrag, het feit dat de radio niet kan worden meegenomen naar een volgende auto en een gebrek aan keuze.

En keuze is de troef van de car-audio specialist. Dergelijke winkels bieden de keuze uit vele tientallen merken en typen. De klant krijgt een op maat gemaakt audiosysteem. Alles kan: een radio voor enkele tientjes tot een concertzaal op wielen die duurder is dan de auto er omheen. Voor wie wil betalen is alles mogelijk. De auto kan geluidsdood worden gemaakt zodat de akoestische kwaliteiten verbeteren en zelfs het elektrisch systeem kan worden aangepast om meer vermogen voor handen te hebben. Een radio die later is ingebouwd kan wel mee naar een volgende auto, wordt niet met de BPM meegeteld maar loopt weer wel risico gestolen te worden.

IASCA

Om het verschil tussen fabrieksradio's en "after-market" oplossingen te bepalen is gebruik gemaakt van de zogenaamde "IASCA"-normen en bijbehorende test-CD. IASCA staat voor International Auto Sound Challenge Association en is een organisatie die zich bezig houdt met autohifi op het allerhoogste niveau. Dat betekent dat de beoordeling zeer streng is, alleen een auto waar voor vele tienduizenden guldens aan is verbouwd maakt enige kans het predikaat "perfect" te krijgen. Een aantal gerenommeerde Nederlandse car audio specialisten toonde met dergelijke uitzonderlijke auto's hoe het moet, zodat een richtlijn is ontstaan waar de fabrieksradio's aan moeten voldoen.

De beoordeling van geluid is moeilijk, omdat het voor een groot deel een kwestie van smaak is. De ene persoon kan intens gelukkig in een auto met denderend basgedreun zitten, terwijl de ander zelfs met toebetaling geen plaats neemt in diezelfde auto. Wat wel kan worden beoordeeld is realiteit. De bedoeling is dat het geluid van bijvoorbeeld een popconcert of akoestisch optreden zo dicht mogelijk wordt benaderd. De klank is hierbij het belangrijkst. Alle tonen van extreem hoog tot subsonisch laag moeten aanwezig zijn. Bovendien mogen geen van die tonen te nadrukkelijk of ondervertegenwoordigd zijn.

Naast het klankbeeld wordt geluisterd naar het stereobeeld. Een zanger(es) moet in het midden staan, de instrumenten er omheen en de ruimte waarin is opgetreden moet een zekere ambiance geven. De staging tenslotte bepaalt de verhouding voor en achter. Geluid van achter mag nooit meer dan een subtiele aanvulling zijn; het moet missen als het uit staat maar niet opvallen als het aan staat. Net als bij een concert staan de artiesten voor het publiek, niet er omheen of er achter.

Doordat op klankkwaliteit en technische kenmerken (eerder genoemde stereobeeld, staging en meer) wordt gelet, kan een ogenschijnlijk eenvoudig systeem een betere beoordeling krijgen dan een uitgebreid systeem. De oorzaak is simpel: wie niet probeert kan ook niet in de fout gaan. Een heel goedkoop systeem bestaande uit een radio en twee luidsprekertjes presteert niet veel, maar geeft tenminste geen storend geluidsbeeld. Zo'n systeem is in een auto waarin jaarlijks tienduizenden kilometers worden afgelegd, uiteindelijk toch aangenamer dan een audiosysteem dat probeert maar steeds jammerlijk faalt.

Tenslotte: bij de beoordeling is de prijs van het audiosysteem niet van belang. Alle systemen worden volgens dezelfde maatstaven gemeten. Alleen in het eindoordeel wordt bepaald of de fabrieksoptie de meerprijs wel dan niet waard is.

> De nieuwste tests en het laatste nieuws in je mailbox
Schrijf je nu in voor de gratis Autozine-nieuwsbrief!