|
De naam "CC" zorgt voor de nodige verwarring. Deze
afkorting is inmiddels algemeen geaccepteerd voor "Coupé
Cabriolet". Maar dat is niet de betekenis van "Passat
CC"; dit is een "Coupe Comfort". Alhoewel de eerste
"C" ook nu voor "coupé" staat, is dit een bijzonder
exemplaar. De Passat is een vierdeurs coupé die ruimte biedt
aan vier personen.
Het lijnenspel is compleet anders dan dat van de gewone Passat.
De CC is veel vloeiender getekend. De neus is lager en
gestroomlijnder. De zijruiten hebben geen raamstijlen en het grote
zonnedak zorgt voor veel licht in het interieur. De achterzijde is
"vet", in de positieve zin van het woord.
Coupé: de ruimte
De hele presentatie zorgt ervoor dat menigeen na het instappen
in de Passat CC ogenblikkelijk het gevoel heeft in een bijzondere
auto te zitten. Dit is een compliment aan de gewiekste ontwerpers
van de CC of de vooruitstrevende makers van de sedan, want wie de
tijd neemt merkt dat beide interieurs als twee druppels water op
elkaar lijken.
De lage daklijn (-5 cm) heeft nauwelijks invloed op de
binnenruimte. Bovendien is het (optionele) zonnedak slechts een
kantel- en geen schuifdak, zodat het niet ten koste van de
hoofdruimte gaat. Achterin geen achterbank, maar twee losse stoelen
waarop het prima toeven is (beter zelfs dan in de Mercedes CLS, de
enige concurrent van de Passat CC).
Comfort of sportiviteit?
De tweede "C" in "Passat CC" staat voor
"Comfort" en hierin zit het grootste verschil met de gewone
Passat. Beide auto's delen slechts 55% van de onderdelen. Voor de
CC is alles herzien en verfijnd.
Met een druk op de knop heeft de Passat CC een sportief of juist
een comfortabel karakter. De Passat CC behoort bovendien tot het
kleine clubje van auto's waarbij het effect van die knop
daadwerkelijk merkbaar is. Ook in de "comfort"-stand blijft
het onderstel stevig, maar op slecht wegdek zijn de scherpe randjes
er vanaf en dat komt het comfort merkbaar ten goede.
In de "sport"-modus is het onderstel juist extra stevig
en de besturing wordt directer en geeft meer feedback. De auto helt
minder over in snelgenomen bochten of bij plotselinge rem-acties.
Daardoor nodigt de CC uit tot de spreekwoordelijke "sportieve
rijstijl". Bovendien liggen de grenzen zeer ver en is de Passat CC
daadwerkelijk tot heel wat in staat. De Volkswagen Passat reed al
prima, maar de CC biedt net dat beetje meer dynamiek dat het
verschil maakt tussen "plezierig" en ronduit "feestelijk".
Coupé: de dynamiek
Dat geldt ook voor de hier gereden basismotor: de 1.8 liter TSI.
Een motorinhoud van 1798 cc lijkt te weinig voor een grote auto als
deze, maar dankzij de turbo is de viercilinder toch goed voor 160
pk / 250 Nm. Ook de lichte bouw en gunstige stroomlijn zorgen
ervoor dat de prestaties prima zijn.
De 1.8 TSI is zeer gretig en lijkt zich keer-op-keer te willen
bewijzen. De eerste twee versnellingen zijn opmerkelijk kort,
waardoor de Passat CC bijna uitdaagt om bij ieder verkeerslicht weg
te sprinten en de wereld te tonen dat deze coupé meer heeft
te bieden dan alleen een mooi gezichtje.
In de zesde versnelling is de Passat CC juist zo comfortabel als
de naam doet vermoeden. Dan is dit een nog stillere en rustigere
kilometervreter dan de gewone Passat. Alhoewel de 1.8 TSI beter
presteert dan de gemiddelde 1,8 liter motor, is het verbruik juist
lager. Op de lange duur scheelt dat flink in de portemonnee.
Tijdens deze rijtest (inclusief buitenlandse ritten) kwam het
gemiddelde verbruik uit op 1 op 14,1 en dat is zeer gunstig voor
een grote/snelle auto als deze.
|
Comfort: de elektronica
Het beloofde comfort gaat verder dan alleen goede
rijeigenschappen. De testauto zit bomvol innovatieve elektronica.
Dat begint met de nieuwste versie van Volkswagens gecombineerde
audio-, communicatie- en navigatiesysteem. De klank van de
"DynAudio"-luidsprekers is bijzonder goed, alhoewel het
geluid al snel vervormt en snerpt bij hoog volume. Heel prettig is
de kaartlezer: het audiosysteem speelt rechtstreeks MP3-bestanden
af van een SD-geheugenkaartje.
Wie moeite heeft om deze bijna vijf meter lange sedan (waarvan
neus en achterklep vanaf de bestuurdersstoel nauwelijks zijn te
zien!) te parkeren, kan kiezen voor "Park Assist". Hiermee
volstaat het om langzaam langs parkeervakken te rijden, terwijl de
auto zelf zoekt naar een plaats die groot genoeg is. Zodra een
geschikt parkeervak is gevonden verschijnt een symbool in het
display en volstaat het om de achteruit te kiezen. Vervolgens neemt
de computer het stuur over en parkeert de CC zichzelf. Dit werkt in
de praktijk redelijk, alhoewel de computer soms angstig dicht langs
andere auto's manoeuvreert. Ook houdt het systeem geen rekening met
straten die te smal zijn om te manoeuvreren. Wees gewaarschuwd: dit
is en blijft niet meer dan een hulpmiddel.
Comfort: binnen de lijntjes kleuren
Nog geavanceerder is "Lane Assist". Een camera in de
voorruit herkent de belijning op het wegdek. Zolang geen richting
aan wordt gegeven, blijft de auto zelf tussen de lijnen rijden.
Wanneer de bestuurder even niet oplet (of bewust de verkeerde kant
op stuurt), krijgt het stuurwiel een voorzichtig zetje in de juiste
richting. Dit gevoel is vergelijkbaar met het rijden in diepe
sporen of bij sterke zijwind. De bestuurder houdt echter altijd controle.
Volgens onderzoek van Volkswagen wordt 14% van alle ongelukken
veroorzaakt door bestuurders die per ongeluk buiten de rijstrook
terecht komen. "Lane Assist" kan die ongelukken voorkomen.
Volgens Autozine is "Lane Assist" echter een systeem dat
aanzet tot slordig rijden, want de verleiding was groter dan ooit
om onderweg dingen te doen die niets met rijden te maken hebben
omdat de auto toch wel stuurt.
In tegenstelling tot wat Volkswagen, beweert zijn deze
voorzieningen niet uniek. Maar tot nu toe waren soortgelijk
systemen alleen verkrijgbaar in drie keer zo dure limousines. Het
is duidelijk: de Passat CC is letterlijk en figuurlijk het juweel
van Volkswagen!
Conclusie
Heeft Volkswagen het klaargespeeld? Combineert de Passat CC alle
praktische eigenschappen van de alledaagse Passat met de fraaie
lijnen en het rijplezier van een coupé? Het antwoord op die
vraag is een volmondig "ja".
De binnenruimte doet nauwelijks onder voor die van de Passat
sedan, alhoewel achterin twee stoelen zijn te vinden in plaats van
een achterbank. De afwerking van beide auto's is even smetteloos en
degelijk. De techniek van de Passat CC is geavanceerder met handige
hulpmiddelen die het leven aangenamer maken en/of de veiligheid verbeteren.
Het onderstel is een fractie scherper, waardoor de Passat CC een
iets dynamischer weggedrag heeft dan de gewone Passat. Al vanaf het
basismodel (1.8 TSI) zijn de prestaties prima en levert de CC het
rijplezier dat bij een coupé hoort. Het verschil tussen de
Passat sedan en Passat CC is als het verschil tussen zomaar een
glimmer en een echte edelsteen.
|