A is voor aanvang
Bij aanvang van de proefrit staat de zilverkleurige Atos schoon
en blinkend te wachten. De facelift maakt van de laatste generatie
Atos zonder twijfel de leukste. De voorgaande generaties waren soms
wat geforceerd "compact maar toch stoer" of "solide maar toch
sportief". De nieuwe Atos is vooral leuk en sympathiek, wat de
testrijder dan wel koper uitnodigt tot instappen. De hoge zit en
bijbehorende eenvoudige instap maken de uitnodiging compleet.
Eenmaal binnen is het met het enthousiasme snel gedaan. De Atos
is bijzonder smal, waardoor menigeen met de schouders tegen de
portieren zit. Vooral bestuurders van 1 meter 80 of langer zitten
krap. Voor hen kan de voorstoel niet ver genoeg naar achteren, ligt
het niet verstelbare stuurwiel bijna op de knieën en drukt de
versnellingspook tegen de benen. De stoelen zijn fors en aangenaam
stevig. Het is daarom jammer dat de hoofdsteunen veel te laag zijn
en voor de gemiddelde bestuurder niet meer dan neksteunen zijn.
B is voor bagageruimte
Achterin is de ervaring hetzelfde: de toegang is eenvoudig
dankzij de achterdeuren. Met de Atos dus geen gedoe met het
opklappen van voorstoelen om door een nauwe ruimte naar de
achterbank te klauteren. Maar op de achterbank kunnen grote
volwassenen nauwelijks zitten. Ook een kinderzitje past niet tussen
de voorstoel (achterste stand) en de (niet verstelbare) rugleuning
van de achterbank.
De bagageruimte is echter fors. Hier is deze mini MPV duidelijk
ruimer dan een conventionele kleine auto. De achterbank is in twee
delen neer te klappen waarna nog veel meer ruimte ontstaat.
Bovendien is de bagageruimte goed toegankelijk dankzij de grote achterklep.
D is voor degelijkheid
De afwerking van de Atos is of heel goed of juist zeer
twijfelachtig. De deuren bijvoorbeeld voelen dun en blikkerig, maar
vallen met een solide plof dicht. Ook het interieur geeft het idee
dat overal stevige en duurzame materialen zijn gebruikt, maar op
sommige punten (zoals de omlijsting van de voorportieren) is de
afwerking ronduit slordig. Knap lastig is de laag geplaatste
antenne die bijna in de ogen prikt bij het instappen.
|
K is voor knoppenwinkel
Een gebied waarop de Atos niets te kort komt is de uitrusting.
Het aantal knoppen en functies is voor een auto met dit
prijskaartje bewonderenswaardig. Centrale portiervergrendeling met
afstandsbediening, elektrisch bedienbare zijruiten voorin, getint
glas, een toerenteller, ABS met remkracht verdeler,
stuurbekrachtiging en twee airbags zijn allemaal standaard op de
hier gereden "Dynamic"-uitvoering.
De enige extra's op de testauto zijn een radio en prima
functionerende airconditioning. Bij menig ander kleintje staan de
meeste punten van de eerste opsomming ook op de optielijst. Aan
allerhande bakjes, vakjes en bekerhouders is gedacht, alhoewel een
dashboardkastje ontbreekt.
M is voor motor
In vergelijking met de concurrentie heeft de Atos een royaal
bemeten motor. Terwijl andere merken hun voordeligste mini MPV's
voorzien van een 0.8 of hoogstens een 1.0-liter motor, is iedere
Atos uitgerust met een 1.1-liter viercilinder krachtbron. Het
verschil met andere kleintjes is vooral te merken op de snelweg. De
Atos heeft er geen moeite mee als het een keer harder mag dan 100
km/u en ook het afleggen van langere afstanden is geen straf.
In dit prijssegment mogen geen wonderen worden verwacht, maar
het geluidsniveau is acceptabel. Op de snelweg zullen de
inzittenden de stem moeten verheffen om een gesprek te kunnen
voeren, op provinciale wegen en in de stad is de Atos, mede dankzij
de grote motor, uitgesproken rustig. In stadsverkeer presteert de
Atos prima, maar hier is het verschil met andere kleintjes minder
groot. Net als de soortgenoten is de Atos zeer wendbaar. Daarbij is
de auto dankzij de hoekige vorm uitzonderlijk makkelijk te
overzien, wat onder andere parkeren eenvoudig maakt.
W is voor wegligging
De W is voor wegligging, maar vooral ook voor wennen. Wie uit
een gewone lage personenauto komt, moet flink wennen aan de hoge
Atos. Ook na enkele dagen blijft de Atos minder stabiel dan
conventionele kleintjes. De Atos helt in de bocht nadrukkelijk over
en reageert sterk op hevig remmen. Hoe langer de proefrit duurt,
hoe duidelijker het wordt dat het allemaal geen kwaad kan. Daarmee
eindigt dit alfabet van de Atos bij de "z", van "zacht". Dankzij de
zachte vering is de Atos comfortabel op slecht wegdek.
Conclusie
Een week lang rijden met de Hyundai Atos laat een verdeeld
gevoel achter. De gefacelifte Atos scoort of zeer goed, of stelt
echt teleur. Vooral voor lange bestuurders is de auto simpelweg te
klein en dat beïnvloedt de gehele beleving. Bovendien zijn de
andere mini MPV's op vrijwel alle punten volwassener: van afwerking
via binnenruimte tot rijeigenschappen.
De facelift maakt de uit 2003 stammende Atos niet tot een nieuwe
auto, maar heeft vooral het uiterlijk en de uitrusting goed gedaan.
Daarbij is de nieuwe motor vlot en zeer zuinig. Het sterkste punt
van de Atos is daarom het sterkste punt van iedere Hyundai: een
zeer scherpe prijs.
|