|
Binnenin de Saxo kijkt de bestuurder uit op een aardig
dashboard. Het wordt gesierd door legio meters op trendy witte
wijzerplaten. De schaal van de snelheidsmeter loopt door tot 210
km/u en zelfs een oliedrukmeter is niet vergeten. Citroën
overschat haar stadsautootjes danig, of deze Saxo VTS is niet zo
onschuldig als het lijkt.
Fysiotherapeut
Alle knoppen en hendels zitten op logische plaatsen zodat een
ieder zich direct zal thuisvoelen. Dit topmodel van de Saxo lijn is
voorzien van alle gangbare stadse fratsen van elektrisch bedienbare
zijruiten tot verwarmde buitenspiegels. Alleen voor airconditioning
en een tweede airbag moet extra worden betaald. De fraaie
voorstoelen zitten zo voortreffelijk dat een rit met de Saxo een
fysiotherapeut overbodig maakt. Als Citroën iets meer aandacht
aan het stuurwiel had besteed, zou een echte Hollander proberen
deze auto bij het Ziekenfonds te declareren. De ruimte op de
achterbank houdt niet over, de bagageruimte is juist een slag
groter dan gebruikelijk.
In de stad is de Saxo uitermate wendbaar en gemakkelijk te
overzien. Vol enthousiasme roetsjt de kleine Citroën over de
Delftse grachtjes en bewijst zich een handzame boodschappenauto. In
iets te haastig gestuurde bochtjes blijkt de Saxo over een
voorbeeldig weggedrag te beschikken. Dat is onder andere te danken
aan de stevige vering die de auto gek genoeg niet oncomfortabel
maakt. Mede dankzij een set brede banden heeft deze kleine
Citroën een wegligging die veiliger is dan menig stadsmens
ooit nodig zal hebben.
De remmen voelen in eerste instantie wat aarzelend aan, maar wie
even aandringt komt er achter dat de Saxo zoveel remkracht heeft
dat het lijkt alsof de hele wereld even stilstaat. Ook hier
misschien wat te veel van het goede, maar wel uitermate veilig.
Tijdens de eerste kilometers valt het op dat andere weggebruikers
er bovenmatig veel genoegen in scheppen de Saxo te passeren. Wat is
daar nou zo bijzonder aan? Het is toch geen Ferrari?
Schijnheilig
De eerste indruk is dat de Saxo een prima stadsauto is met
compacte buitenmaten en een vriendelijke uitstraling. Maar
eigenlijk is dat hele imago van "vriendelijke stadsauto" een
schijnheilige vertoning. Dit is de "VTS 16v" uitvoering en dat
betekent dat deze kleine Fransoos een vechtlust heeft waar menig
rassportwagen de koude rillingen van over de rug krijgt. De 910 kg
wegende Saxo VTS wordt voortbewogen door een 1.6 liter 16-kleppen
motor die goed is voor 120 pk. Dat verklaart waarom deze uitvoering
is voorzien van zulke sterke remmen en zo'n uitzonderlijk goede
wegligging.
De 16-kleppen motor levert pas kracht als daar
nadrukkelijk om wordt gevraagd. Vanaf 4500 toeren wordt het
spannend, pas bij 6600 is het maximale vermogen beschikbaar. Daarom
rijdt deze VTS anders dan soortgenoten die al bij lage toeren
gewillig zijn. Die auto's hebben een nerveus karakter, wat kalm
rijden soms bemoeilijkt. De Saxo VTS vertrekt nooit "per ongeluk"
met wielspin en is ook te houden bij hagel en sneeuw.
De versnellingsbakverhoudingen passen goed bij het tweeslachtige
karakter van de motor. Het is mogelijk ontspannen te rijden en
steeds bij zo'n 3000 toeren te schakelen. De auto is dan redelijk
stil en comfortabel. Mede daarom zou het verbruik over de gehele
testrit uiteindelijk een schappelijke 1 op 15 bedragen. Maar laat
de Saxo werken en alle in Nederland geldende maximumsnelheden zijn
al in de tweede versnelling overschreden. Dan is het met de rust
gedaan en giert de motor het uit van genoegen. Dito voor de
testrijder tijdens de eerste kennismaking met het volle potentieel
van de VTS 16v. De zo onschuldig ogende Saxo zet ineens prestaties
neer waar een "echte" sportwagen zich niet voor zou schamen.
|
Cementtruck
Een eerste slachtoffer laat niet lang op zich wachten. Op een
compleet verlaten industrieterrein klinkt ineens een diepe grom uit
de Saxo. Goed, dat verchroomde uitlaatpijpje produceert aardige
muziek, maar zoveel? Het blijkt een GMC Cyclone te zijn die vrijwel
op de achterbumper van de Saxo is geparkeerd. Een paar dreigende
koplampen ter hoogte van het midden van de achterruit maakt
duidelijk dat de Amerikaan er vanuit gaat dat de Citroën zich
vlug uit de voeten maakt. De hete adem van een 6 cilinder 4,3 liter
krachtbron in de nek is een goede inspiratie vlot van start te gaan
bij het verkeerslicht.
Natuurlijk is de GMC sneller, maar wegligging en remvermogen
zijn minstens zo belangrijk als brute kracht. Als een door een
katapult gelanceerde knikker in een flipperkast raast de Saxo door
het industriegebied, de cementtruck met straalaandrijving al na de
eerste bocht achter zich latend. Het is zelfs nodig even in te
houden om de Amerikaan weer bij te laten komen.
Pas op de snelweg passeert de veel gespierdere pick-up truck, om
vervolgens met een hoogst illegale snelheid aan de horizon te
verdwijnen. De Saxo houdt het op 120 km/u, want een snelweg is geen
verlaten industrieterrein. De eerste zege is binnen en er zouden er
nog vele volgen tijdens het testweekend.
Zandvoort
Deze Saxo is niet gewoon snel, de Saxo VTS is buitensporig snel.
Precies daarom wordt al jaren met Saxo's geracet op het circuit van
Zandvoort. Daar vertellen diverse coureurs in de Saxo Cup te zijn
begonnen. Nog steeds denken ze met plezier en respect terug aan de
kleine Fransoos. Geparkeerd op het binnenterrein van het circuit
trekt de Saxo meer aandacht dan de daar aanwezige Alfa Romeo's en
Porsches. De eigenaren van die auto's zijn blijkbaar al eens op hun
nummer gezet, want ze willen zo'n ding nu wel eens van dichtbij zien.
Ze bedenken de meest creatieve smoezen om een rondje op het
circuit te mogen rijden met de VTS. Waarom? De Saxo-wedstrijdauto's
halen op het circuit bochtsnelheden die hoger liggen dan die van
bijvoorbeeld een Audi S4 Avant of Porsche 911 Carrera 4. Toch leuk
om met een stadsautootje van net geen fl. 37.000,- zo veel
aandacht te krijgen. Met een nog groter vertrouwen is het tijd om
de reis naar huis te aanvaarden. Het is nu duidelijk waarom de Saxo
tijdens de eerste rit met zoveel genoegen werd gepasseerd. Het
inhalen van een Saxo VTS 16v is wel degelijk als het inhalen van
een Ferrari; het is een Ferrari voor de armen.
Conclusie
Eindelijk weer een echte GTi! Geen oud rebel die nu in een
maatpak zijn spierkracht aanwendt om op tijd op een afspraak te
verschijnen, maar een onvervalste hooligan op wielen. Met bijtgrage
remmen, een onwaarschijnlijk goed onderstel en een motor die de
inzittenden echt in de stoel kan drukken is de Citroën Saxo
VTS 16v de fijnste GTi van dit moment. Dankzij een bescheiden
uitstraling is de VTS bovendien een auto waar niemand bezwaar tegen
zal aantekenen. Dat het ongehoord leuk is gerenommeerde sportwagens
volkomen voor schut te zetten, hoeft de Saxo-eigenaar er niet bij
te vertellen.
Tenslotte een waarschuwing voor wie zich waagt aan een proefrit:
dit is in beginsel een brave boodschappen auto, maar wie het gas
één keer dieper intrapt is letterlijk en figuurlijk
verkocht. De Saxo is op z'n zachtst gezegd verslavend. Daarom
hierbij excuses aan alle GTi's, GSi's en CRX'en die in een grijs
weekend in maart zo schaamteloos op hun nummer zijn gezet. Het
moest even, in naam der wetenschap. Want alleen een Citroën
racet als een Citroën! (Ivo Kroone)
|