|
Gedurende de proefrit zouden er nog heel wat verbaasde blikken
volgen. Maar hoe langer de proefrit duurde, hoe meer het gevoel
ontstond dat dit blikken van bewondering waren. Zelfs de
vreemdsoortig vormgegeven neus begon na een aantal dagen rijden te
wennen. Het grootste deel van de neus is opgetrokken uit sterk
kunststof. De koplampen zijn klein en relatief hoog gemonteerd.
Daarmee is de Doblò in vergelijking met andere auto's wat
disproportioneel. Wie de diverse aannemersbusjes bekijkt die in een
permanent gehavende toestand verkeren, begrijpt waarom Fiat heeft
gekozen voor zoveel kunststof en zo weinig metaal.
Ook de achterkant van de Doblò doet met de twee ongelijke
deuren wat vreemd aan. Dat komt omdat de achterbumper zo'n 10 cm
lager ligt dan bij andere auto's. De Doblò heeft hiermee een
uitzonderlijk lage tildrempel zodat zware lading niet onnodig hoeft
te worden opgetild. De rand is zelfs zo laag dat vracht op een
karretje bijna naar binnen kan worden gereden, in plaats van
getild. Door de achterlichten hoog naast de deuren aan te brengen,
bestaat minder risico deze te beschadigen bij het inladen en is de
Doblò goed zichtbaar voor achteropkomend verkeer. Hier is
over nagedacht!
Kindvriendelijk
Als de Doblò voor personenvervoer wordt gebruikt, valt de
auto direct op door kindvriendelijkheid. De bagageruimte is zo
enorm (750 liter) dat zelfs een grote kinderwagen niet hoeft te
worden opgeklapt. Alleen de hoedenplank moet worden verwijderd
waarna de kinderwagen simpelweg kan worden binnengereden, wederom
dankzij de uitzonderlijk lage drempel. Kinderzitjes passen prima op
de achterbank, waarbij de drie gordels lang genoeg zijn om het
zitje goed vast te zetten.
Beide achterdeuren zijn schuifdeuren
zodat kleine kinderen, die de deur vol enthousiasme openen in een
krappe parkeergarage, geen schade kunnen veroorzaken aan andere
auto's. Met de voorstoelen in de achterste stand biedt de
achterbank nog steeds voldoende ruimte voor drie volwassenen. Wie
de Doblò liever inzet voor vrachtvervoer, levert de
achterbank in waarna de laadruimte precies voldoende ruimte biedt
aan twee Europallets of 3.000 liter andere vracht.
De beste plaats is voor de bestuurder gereserveerd. De
voorstoelen zitten voortreffelijk en lenen zich ook voor lange
afstanden. Helaas zijn de hoofdsteunen voorin niet hoog genoeg om
whiplash te voorkomen. Het stuurwiel en de versnellingspook liggen
fijn in de hand en maken het aangenaam rijden met de Doblò.
De versnellingspook staat niet op de vloer, maar op het dashboard.
Tijdens de proefrit was dat nooit aanleiding om mis te grijpen en
kan worden gesteld dat dit de meest logische plaats is voor deze
auto. Bovendien schakelt het ding heerlijk.
De klokken bestaan uit
niet meer dan een grote snelheidsmeter en een benzinemeter. Daar
onder zijn een aantal controlelampjes en een digitaal display te
vinden voor o.a. de dagteller. Ook deze eenvoudigste uitvoering van
de Doblò is voorzien van elektrisch bedienbare zijruiten en
centrale portiervergrendeling (zonder afstandsbediening).
|
Minder luxueus is de afwerking. In het gehele interieur zijn
diverse delen metaal in de lakkleur van de auto te vinden. Alleen
waar dat nodig is, zijn stukken kunststof aangebracht om
beschadiging te voorkomen. Het grote glasoppervlak maakt de auto
overzichtelijk en maakt de Doblò ondanks de niet geringe
buitenmaten gemakkelijk te parkeren. Van zijwind zou de
Doblò zich gedurende de testperiode weinig aantrekken.
Motor
Bij een voordelig geprijsde auto hoort een economische motor.
Fiat biedt de keuze uit een 1.2-liter benzinemotor of een 1.9-liter
diesel. De diesel is beduidend duurder, maar levert iets mindere
prestaties terwijl het verbruik vrijwel gelijk is aan dat van de
benzine uitvoering. Voor deze test viel de keuze daarom op de
benzinevariant. Met de 65 pk die deze Fire-motor levert is de
Doblò allerminst een strepentrekker, maar het voldoet. Het
mag duidelijk zijn dat deze bescheiden motor hard moet werken om de
grote koets in beweging te houden.
Gelukkig doet de motor zijn werk in relatieve rust. In
vergelijking met andere lichte bedrijfsauto's en voordelige
gezinsauto's valt het geluid reuze mee. Op de snelweg zijn de
inzittenden zich er niet continu van bewust dat de motor flink moet
werken om hoge snelheden vast te houden, zodat de Doblò zich
prima leent voor langere afstanden.
Bij snelheden tot zo'n 100 km/u
blijft het verbruik bescheiden, wie boven de 120 km/u komt ziet de
benzinemeter bijna per kilometer dalen. In de stad is de motor
soepel en toont de Doblò wederom geen enkel spoor van haast.
Toch heeft de Doblò een onverwachte troef in huis om het
overige verkeer te snel af te zijn en opnieuw te doen staren. De
Doblò gedraagt zich zowel in de bochten als bij stevig
remmen meer als een personenauto dan als een busje. Bochten kunnen
met een wonderlijk hoge snelheid worden genomen voor een auto in
deze klasse. Wel is de Doblò door de hoge zitpositie
merkbaar groot en hoog, zodat de ervaring anders is dan in een
personenauto. De grens ligt echter zo ver dat de Doblò zich
zelfs voor het betere gooi-en-smijt werk leent dat normaal alleen
voor compacte stadsautootjes is weggelegd.
Tenslotte zijn ook de remmen goed op hun taak berekend waarmee
het met de actieve veiligheid van de Doblò wel goed zit. Het
passieve deel wordt verzorgd door twee airbags, "geprogrammeerde"
kreukelzones en pedalen die op een van tevoren geplande manier
afbreken om voetletsel te voorkomen. ABS en zijairbags zijn optioneel.
Conclusie
Laat ze maar staren! Drie dagen rijden met de Fiat Doblò
1.2 SX leert dat deze auto, net als de Multipla, buitengewoon slim
in elkaar zit. Gezien de prijsstelling is ook de motorisering
keurig verzorgd. De Doblò rijdt echt heerlijk en is zowel
als familieauto als bedrijfsauto een zeer veelzijdige auto die in
iedere situatie inzetbaar is. Dat is -evenals bij de Multipla- niet
ondanks het uiterlijk, maar juist dankzij het ongebruikelijke
uiterlijk (Ivo Kroone).
|