|
Al dagen voor de feitelijke test peil ik de mening over de HR-V
bij vrienden en bekenden. De uitkomst is altijd een uiterste: heel
lelijk of juist heel geslaagd.
In het echt oogt de auto beter dan in de folders. Het interieur
heeft een strakke vormgeving met leuke details. De blauwe klokken
met witte wijzers zijn prima afleesbaar en passen helemaal bij het
vernieuwende ontwerp. Vanzelfsprekende zaken als bergvakjes en
-bakjes in het interieur zijn door Honda net iets verder
doorontwikkeld dan strikt noodzakelijk. Het dashboardkastje is in
twee delen gesplitst, de asbak is verplaatsbaar, de kaartenvakken
in de deuren zijn voorzien van netten, en klepjes hebben een bandje
om kleine zaken vast te zetten.
Juist dit oog voor detail is
kenmerkend voor de HR-V. Op ieder punt is de HR-V doordacht met
praktisch gebruik als doel. Fotocamera, notitieblok en paperassen
vinden al snel een plaats en binnen korte tijd heb ik de auto
ingericht alsof ik er al jaren mee rijd.
De voorstoelen bieden goede steun op schouderhoogte maar laten
te wensen over bij ondersteuning van de rug. De achterbank biedt
ruim plaats aan twee volwassenen. De bagageruimte valt in
verhouding tot de omvang van de auto wat tegen maar kan worden
vergroot dankzij de in twee delen neerklapbare achterbank. Met
enige goede wil slikt de HR-V mijn grote herenfiets voor een
fietstocht onder de zomerzon. Gelukkig ligt de beoogde fietsroute
ver van de Honda-dealer ...
Wel de lusten, niet de lasten
De meeste terreinauto's zullen het grootste deel van hun leven
op het asfalt slijten. De ongebruikte capaciteiten van een
terreinauto vragen wel een extra investering. Daarom heeft Honda
alleen de sterke punten van een terreinauto afgekeken voor de HR-V.
Het voornaamste daarvan is dat de auto hoog op de poten staat en
een hoge zit biedt. Die hoge zit zorgt voor een perfecte kijk over
het verkeer waarmee het rijden met de HR-V minder vermoeiend is dan
met een lagere auto.
Hoe hoog de auto is blijkt als ik voor een inhaalmanoeuvre
netjes in de spiegels en over mijn schouder kijk. Helemaal onderin
de enorme buitenspiegels van de HR-V zie ik laag bij de grond iets
geels. Het blijkt een Lamborghini Diablo die de HR-V niet zozeer
voorbij gaat, maar voor het gevoel onder de HR-V door sluipt. Nu
snap ik waarom Honda de HR-V zulke grote oren heeft gegeven. De
spiegels kunnen met een knopje ook worden ingeklapt om
parkeerschade te voorkomen.
Van een sportcoupé heeft de HR-V het gelikte uiterlijk en
een voorbeeldig onderstel. Evenals bij een sportwagen is de
besturing direct en nauwkeurig. Bij vlot genomen bochten helt de
koets iets over, zoals te verwachten bij een hoge auto als deze.
Bij al te enthousiast gestuurde bochten wil de auto in eerste
instantie rechtdoor. Nooit geeft de HR-V het gevoel het contact met
de weg te verliezen. Evenals een sportcoupé heeft de HR-V
een prima set remmen.
|
De schijven voor en trommels achter zijn prima doseerbaar en
worden indien nodig geassisteerd door ABS en EBD (elektronische
remkrachtverdeling). Bij de noodstop helt de auto wat voorover.
Niets zorgelijks maar wel iets om op voorbereid te zijn. Het
onderstel is de perfecte middenweg tussen sportief en comfortabel.
Op ieder type weg communiceert het onderstel met de bestuurder
zonder opdringerig of storend te worden. Zelfs tijdens een
voorzichtige test in een in aanbouw zijnde woonwijk met nog
onverharde wegen wist de HR-V bestuurder en inzittenden te behagen.
Van een ruimtewagen heeft de HR-V het ruime interieur maar
helaas ook de motor. De 1.6 liter 16-klepper levert 105 pk en is
daarmee niet meer dan adequaat. De HR-V is nooit te langzaam, maar
is zeker geen strepentrekker. Genoeg om vlot mee te komen in het
verkeer, onvoldoende om veelvuldig bonnen te scoren. Al bij lage
toeren levert de motor prima trekkracht. Zelfs heuveltje (Prins
Claus plein van Utrecht naar Den Haag) op in de vijfde versnelling
passeert de HR-V nog vlot een treuzelende Koreaan.
Op de prestaties
van de krachtbron valt weinig aan te merken. Op het verbruik ervan
wel. Honda geeft zelf een gemiddeld verbruik van 1 op 12 aan. Mijn
testverbruik over zo'n 500 kilometer zit hier heel dichtbij met 1
op 12,5. De motor doet zijn werk tot zo'n 3500 toeren per minuut fluisterstil.
De HR-V is niet alleen binnenin stil, ook buiten de auto is de
motor bijna onhoorbaar. Een kat in een Almeerse woonwijk zag de
HR-V wel aankomen, maar vond het bij gebrek aan een grom niet nodig
voor de imposante verschijning opzij te gaan. Ook fietsers hoorden
de HR-V pas nadat ik de motor even toeren liet maken. Mocht er
onverhoopt iets mis gaan met de HR-V dan heeft Honda al het
mogelijke gedaan zowel inzittenden als buitenstaanders te
beschermen. Behalve de standaard airbags en verstevigingsbalken
heeft Honda de neus zo vormgegeven dat voetgangers relatief goed
van een botsing met de HR-V af komen. Zo geeft de neus mee en zijn
zelfs de ruitenwissers zo glad mogelijk gemaakt om onnodige
verwondingen te voorkomen.
Conclusie
Na drie dagen "Joy Machine" weet de auto op alle punten te
overtuigen. De critici die de auto in eerste instantie afkeurden
vinden mijn zwarte HR-V met Sport-pakket op hun oprijpad toch
mooier dan verwacht. Het Sport-pakket bestaat onder andere uit een
grote dakspoiler en een paar lichtmetalen velgen. In Zoetermeer
scoorde de HR-V zelfs een opgestoken duim uit een Fiat Uno bij een
verkeerslicht; iets wat ik tot nu toe alleen mocht meemaken in
exorbitant dure sportwagens van Duitse makelij.
De HR-V heeft maar één doel: de inzittenden op
alle mogelijke manieren behagen. De auto is geen samenraapsel van
compromissen maar juist een perfecte combinatie van duidelijke
keuzen. Stuk voor stuk de juiste keuzen. Ook de filosofie achter de
auto is een duidelijke keuze: de techniek dient de mens. Op geen
enkel punt stelt de auto echt teleur. Op veel punten biedt de auto
juist meer dan verwacht. Honda wilde een originele vernieuwende
auto op de markt zetten en is daarin met vlag en wimpel geslaagd (Ivo Kroone).
|