|
Peugeot heeft niet altijd auto's gebouwd. Wie het museum
binnenkomt ziet daarom in eerste instantie geen auto's. Op de vloer
zijn genummerde voetstapjes te vinden die de bezoeker op de meest
logische route door het museum leiden. Links na de ingang is een
bijzondere bioscoop te vinden waar een in 3d geprojecteerde
gastheer de bezoeker welkom heet. Helaas is de voorstelling geheel
in het Frans, de rest van het museum is wel tweetalig (Frans/Engels).
Het familiebedrijf zette de eerste stappen in 1810 met
staalbewerking voor industrieel gebruik. Gaandeweg produceert
Peugeot kant-en-klare producten en vanaf 1858 is het logo met de
leeuw te vinden op koffiemolens, naaimachines en peperbussen. De
leeuw staat voor robuustheid, souplesse en snelheid.
De eerste auto
Voorzichtig ontwikkelt het merk zich. Via paardenkarren en
fietsen bouwt Peugeot in 1888 de eerste experimentele, driewielige
(stoom)auto: de Sorpollet. Kort daarna wordt stoom ingeruild voor
benzine en komt de serieproductie op gang.
Zaken die nu niet meer dan logisch zijn doen langzaam hun
intrede, zoals remmen op alle wielen en luchtbanden. Ook neemt
Peugeot al vroeg deel aan autoraces. Vanaf 1929 krijgen de
Peugeot-modellen de huidige typeaanduiding met het getal nul in het
midden. De primeur is voor de Peugeot 201, de eerste met
onafhankelijke voorwielophanging. In 1932 volgt de aerodynamisch
vormgegeven 301. In 1934 debuteert de eerste cabriolet in
inklapbaar dak: de 401 Eclipse.
Oorlogsjaren
Tijdens de Tweede Wereldoorlog is Peugeot gedwongen bijzondere
voertuigen te bouwen, zoals het "VLV" elektrowagentje (links) en de
402 op gas (rechts).
|
De wederopstandig na de oorlog begint met de 203 in 1948 en 403
in 1955. In het museum staan deze auto's zij-aan-zij en is de
evolutie in techniek en vormgeving goed te zien. Als een soort
hoogtepunt van die ontwikkeling staat de 504 Cabriolet uit 1969
centraal in een eigen paviljoen.
Heden
Hier begint voor het museum de "moderne tijd". Het museum toont
niet langer de model-ontwikkeling, maar kiest voor bijzondere
edities. Zo is een overzicht van Peugeot-racewagens ingericht en is
speciale aandacht voor Peugeots in de film. De extreem uitgebouwde
witte 406 sedan uit Taxi II kan de bezoeker niet ontgaan. Ook een
verlengde 607 "Padaline" is een echte aandachtstrekker.
Geheel in stijl eindigt de rondgang door het museum met een blik
op de toekomst, in de vorm van enkele conceptcars. Daarna volgt een
gang door de onvermijdelijke souvenirwinkel.
Conclusie
"L'Aventure Peugeot" geeft een helder overzicht van de
geschiendenis van Peugeot. Het museum beslaat slechts
één grote ruimte en is daarom goed voor
één of enkele uren vermaak. Op enkele details na is
alles tweetalig (Frans/Engels), zodat ook een internationaal
publiek terecht kan in het museum.
De getoonde auto's verkeren in showroomstaat en de collectie is
zeer gevarieerd. Peugeot toont niet alleen oldtimers, maar ook
sportwagens, bijzondere edities en de nodige "young timers". Auto's
die gebruikt zijn in films of in bezit zijn geweest van
beroemdheden vormen een leuke aanvulling. Het museum is te klein om
speciaal voor naar Frankrijk af te reizen, maar Peugeot-rijders die
in de buurt van Sochaux zijn hebben er zeker een leuk uitstapje aan
tijdens hun vakantie.
|