1 februari 2011
 

Mercedes-Benz

Mercedes-Benz viert 75 jaar diesel

1 februari 2011 | Mercedes-Benz viert in 2011 niet alleen het 125-jarig bestaan van het concern, maar ook het feit dat het dit jaar 75 jaar geleden is dat het merk de 260 D introduceerde, de eerste personeauto met een dieselmotor. De 260 D (W138) was in februari 1936 voor het eerst te zien op de Internationale Motorrad- und Automobilausstellung in Berlijn, iets meer dan vijftig jaar na de allereerste auto met benzinemotor van Carl Benz. De diesel was de trendsetter van zijn tijd. Hij was niet alleen krachtig, maar ook dertig procent zuiniger dan een benzineversie.

Mercedes-Benz en de dieselmotor zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Al in 1923 kwam de eerste Benz vrachtauto op de markt met een zelfontbrander. Na met verschillende dieselmotoren te hebben geëxperimenteerd, besloot Mercedes-Benz in 1934 om de beproefde zescilinder diesel truckmotor om te bouwen voor gebruik in personenauto's. Het resultaat was een 2,6 liter viercilinder dieselmotor met kopkleppen en een vijf maal gelagerde krukas. De motor maakte gebruik van het dieselinjectiesysteem van Bosch en produceerde 45 pk bij 3000 t/min. De 260 D woog 1530 kilo en kon een snelheid van 95 km/h bereiken. Met een gemiddeld verbruik van 9,5 liter diesel bereikte de 260 D met de zogeheten OM 138 motor een afstand van meer dan vierhonderd kilometer, wat gezien het geringe aantal Europese tankstations handig was.

Mercedes-Benz

Zelfs voor naoorlogse begrippen was deze diesel personenauto zuinig. In vergelijking met de Mercedes-Benz 200 benzineversie verbruikte de 260 D vier liter brandstof per honderd kilometer minder. En hoewel een liter diesel in 1936 slechts 17 Pfennig kostte (de helft van een liter benzine) was het voor calculerende taxichauffeurs een extra reden om de dieselversie van Mercedes-Benz te kiezen.

Mercedes-Benz bouwde een reeks van verschillende modellen met inbegrip van een sedan, een landaulet en een cabriolet. Van 1936 tot 1940 liepen 1967 exemplaren van de 260 D van de band. Op de montage van gloeispiralen na voor een makkelijker koude start veranderde Mercedes-Benz tijdens de bouwperiode nauwelijks iets aan de motor. Vooral taxichauffeurs waren gek op het model; tot ver in de jaren vijftig waren 260 D-modellen dan ook bij de taxistandplaatsen te vinden. De dieselmotor gebruikte Mercedes-Benz ook voor andere doeleinden, bijvoorbeeld voor de aandrijving van de L 1100/L 1500 bestelwagens.

Mercedes-Benz

Sinds de wereldpremière van de 260 D is Mercedes-Benz jaar in jaar uit verder gegaan met het verfijnen van de dieseltechniek. Zo was er de eerste diesel personenauto met een vijfcilinder motor (240 D 3.0 W115 uit 1974), de eerste luxe sedan van Mercedes-Benz met een turbodieselmotor (300 SD W116 uit 1977) en de invoering van CDI-technologie met common rail-injectie in de C 220 CDI in 1997, maar ook de komst van BlueTEC in de E 320 BlueTEC.

In het najaar van 2011 introduceert Mercedes-Benz de E 300 BlueTEC HYBRID, de eerste dieselhybride van Mercedes-Benz. Een 204 pk sterke viercilinder biturbo dieselmotor wordt gekoppeld aan een hybridemodule van 20 pk. De elektrische krachtbron ondersteunt de dieselmotor al bij lage toerentallen tijdens het optrekken maar fungeert ook als generator voor het terugwinnen van rem- en bewegingsenergie. Volgens voorlopige berekeningen verbruikt de E 300 BlueTEC HYBRID slechts 4,5 liter per 100 km, wat neerkomt op een CO2-uitstoot van minder dan 120 gram per kilometer.

Mercedes-Benz Mercedes-Benz Mercedes-Benz Mercedes-Benz
 
Websitewww.mercedes.nl
Deel via